EFRO Noord-Nederland

Het Operationeel Programma (OP) EFRO Noord-Nederland 2014-2020 kent twee prioritaire assen:

  • Human capital, kennis en innovatie
  • Koolstofarme economie

In het OP wordt gekozen voor twee thematische doelstellingen, drie investeringsprioriteiten en zes specifieke doelstellingen. Een nadere uitwerking is weergegeven onder het kopje OP EFRO subsidiemogelijkheden & doelstellingen.

OP EFRO subsidiemogelijkheden & doelstellingen

Prioritaire as 1 Human Capital, kennis en innovatie

Thematische doelstelling 1:
Versterking van onderzoek, technologische ontwikkeling en innovatie.

Investeringsprioriteit 1A:
Verbetering van de infrastructuur voor onderzoek en innovatie (O&I) en van de capaciteiten voor de ontwikkeling van topprestaties op dit gebied, en bevordering van kenniscentra, met name van die van Europees belang.

  • Specifieke doelstelling A: versterken van de regionale human capital agenda
  • Specifieke doelstelling B: ontwikkeling van toegepaste kennis door, met of in opdracht van het MKB.

Triple Helix-samenwerking

Specifieke doelstelling A faciliteert vraaggestuurde samenwerking tussen bedrijven en onderwijsinstellingen met als doel het versterken van de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt en daarmee het verkleinen van de mismatch op de arbeidsmarkt. Een goede en praktijkgerichte onderwijsinfrastructuur versterkt immers ook de wervingskracht van het Noordelijk bedrijfsleven en daarmee het aanbod van potentiële werknemers.

De noodzaak van kennisontwikkeling

Kennisontwikkeling is noodzakelijk om naast productontwikkeling en validatie te komen tot nieuwe producten en diensten die complexe maatschappelijke uitdagingen oplossen. Die kennis moet door het MKB gevonden en geabsorbeerd worden. Door samen met andere bedrijven (MKB en Grootbedrijf) en kennisinstellingen nieuwe kennis te ontwikkelen kan het kennisniveau van MKB bedrijven worden vergroot. Daarnaast zijn netwerken en met name het benutten van netwerken voor het genereren van kennis, nodig om het MKB in staat te stellen nieuwe kennis binnen te halen en te absorberen. Binnen specifieke doelstelling B kan dit worden versterkt om zo het innovatief vermogen van het noordelijke MKB te versterken en de groep koplopers, ontwikkelaars en toepassers te vergroten. De focus lig op drie maatschappelijke uitdagingen in dit specifiek doel: gezondheid, voedsel en water.

Investeringsprioriteit 1B:
Bevordering van bedrijfsinvesteringen in O&I, en het ontwikkelen van verbanden en synergieën tussen bedrijven, O&I-centra en hoger onderwijs.

Living labs en samenwerking

Specifieke doelstelling C:
Het stimuleren van innovatie en valorisatie in het MKB. Koplopers en ontwikkelaars worden gestimuleerd om bedrijfsinvesteringen in innovatie te doen en om daarbij gebruik te maken van living labs en samenwerking via crossovers. Ook een meer internationale oriëntatie kan hierbinnen worden bevorderd. Het gaat daarbij niet om exportbevordering. Dat wordt reeds door andere organisaties, zoals Kamer van Koophandel, gedaan. De focus lig op drie maatschappelijke uitdagingen in dit specifiek doel: gezondheid, voedsel en water.

Prioritaire as 2 Koolstofarme economie

Thematische doelstelling 4:
Ondersteuning van de overgang naar een koolstofarme economie in alle bedrijfstakken.

Investeringsprioriteit 4F:
Bevordering van onderzoek, innovatie en adoptie van CO2-arme technologieën.

Specifieke doelstelling D:
Stimuleren van de ontwikkeling van toepassingskennis door, met of in opdracht van het MKB.

Specifieke doelstelling E:
Het stimuleren van valorisatie  en innovatie in het MKB.

Specifieke doelstelling F:
Het bevorderen van de slimme uitrol van innovatieve toepassing van producten, diensten en concepten.

Specifieke doelstellingen D en E richten zich op dezelfde doelen als dezelfde specifieke doelstellingen in prioriteit 1, alleen dan gericht op uitdagingen rondom duurzame vormen van energie. Het betreft hier niet alleen de energiesector, maar alle activiteiten die bijdragen aan een duurzamer en efficiënter gebruik van energie.

Na het binnenhalen en omzetten van kennis in concrete innovaties geldt specifiek voor het thema koolstofarme economie dat bedrijven moeite hebben om de stap te maken van nieuwe producten of diensten voor de bevordering van de overgang naar een koolstofarme economie, naar grootschalige uitrol van deze oplossingen. uitrol. Slimme uitrol behelst de eerste uitrol nadat succesvolle tests en pilots zijn gehouden, maar voordat overgegaan kan worden op grootschalige uitrol. Slimme uitrol dient als wegbereider en aanjager voor grootschaliger uitrol. Het gaat dan om grootschaliger living lab omgevingen die noodzakelijk zijn om te komen tot oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen die echt werken en effect hebben in de praktijk. Slimme uitrol is onderdeel van een innovatietraject en kan gezien worden als de input voor grootschalige uitrol. Voor dat laatste bestaan andere financieringsbronnen, bijvoorbeeld nationale en provinciale energiefondsen. Binnen specifieke doelstelling F kan juist de missende schakel van slimme uitrol worden gefinancierd.

Budget OP EFRO Noord

EFRO-middelen Rijkscofinanciering
Noord 20,41% € 103.541.824,00 € 18.572.772,37
Oost 19,77% € 100.302.293,00 € 17.991.682,82
Zuid 22,40% € 113.627.057,00 € 20.381.806,91
West 37,42% € 189.847.055,00 € 34.053.737,91
totaal € 507.318.229,00 € 91.000.000,00

De verdeling van de EFRO-middelen binnen het budget is als volgt:

  • Prioritaire as 1. Human capital, kennis en innovatie (76% van het budget): € 78.691.000
  • Prioritaire as 2. Koolstofarme economie (20% van het budget): € 20.710.000
  • Prioritaire as 3. Technische Bijstand (4% van het budget): € 4.140.824

Procedure EFRO Noord

Voor de actuele stand van zaken en openstelling verwijzen wij u naar Vincent Ketelaars.

De informatie is gebaseerd op de bij ERAC laatst bekende gegevens. Regelmatig verwerkt ERAC de nieuwe gegevens en inzichten. Laatste update: 11-09-2016