Opstellen Interreg VB North West Europe 2014-2020

De regio North West Europe bestaat uit (delen van) Groot-Brittannië, Ierland, Frankrijk Duitsland, België, Nederland, Luxemburg en Zwitserland. Dit gebied telt ongeveer 180 miljoen inwoners.

Economische en stedelijke ontwikkeling

Hoewel Noord-West Europa wordt beschouwd als een van de meest dynamische en welvarende delen van Europa, zijn er ook achtergebleven gebieden. Lokale en regionale overheden werken daarom transnationaal samen aan economische en stedelijke ontwikkeling, milieubescherming, transport en sociale cohesie. Het doel: van Noordwest-Europa een regio maken waar het prettig werken en wonen is en waar economische groei en persoonlijk welbevinden een gezonde toekomst hebben.

Transnationale samenwerking

De betreffende landen werken al vanaf 1990 samen binnen het Interreg NWE-programma, dat deels gefinancierd wordt vanuit Europa. De partners willen de transnationale samenwerking continueren met een nieuwe programmaperiode 2014-2020. Daartoe dient het nieuwe Interreg VB NWE-programma media 2014 bij de Europese Commissie ingediend te worden. Belangrijk daarbij is dat het programma aansluit bij het beleid van de EU; financiering wordt immers alleen toegekend indien het programma past binnen het inhoudelijk kader van de subsidieverstrekker. ERAC kreeg, samen met haar consortiumpartner Technopolis, de opdracht om dit proces te begeleiden. Het vijfde Interreg NWE-periode kreeg een budget van € 396 miljoen euro van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) en ging in het voorjaar van 2015 van start.

Impact van ERAC

Ons plan van aanpak begon met een gedegen SWOT-analyse van het programmagebied. In nauwe samenspraak met de vertegenwoordigers van de deelnemende landen hebben we de meest urgente en kansrijke maatschappelijke en economische uitdagingen gedefinieerd. Ook werd in deze fase de focus van de programmaperiode bepaald. Deze focus ligt op drie hoofdthema’s: het versterken van de innovatiecapaciteit van regio’s en organisaties, het versnellen van de overgang naar een koolstofarme economie en het efficiënt gebruik van grondstoffen en materialen. Deze thema’s zijn gedetailleerd uitgewerkt in acht investeringsprioriteiten, waar het fonds op kan sturen.