Column | Hoe verankeren we Europa in onze organisatie?

gepubliceerd

Het belang van de Europese Unie voor het binnenlands bestuur neemt sterk toe. Besluiten van de Europese Unie zijn van invloed op het beleid van de decentrale overheden. Decentrale overheden zijn belangrijke spelers in de uitvoering van EU-regelgeving. Zij hebben bijvoorbeeld belang bij goede grensoverschrijdende samenwerking met overheden in andere lidstaten. Het is daarom belangrijk dat decentrale overheden zich meer bewust zijn van Europa en zo effectief mogelijk opereren. Maar hoe kunnen we Europa nu organisatorisch verankeren?

Toegenomen aandacht voor Europa als vierde bestuurslaag..

Gezien de complexiteit van Europese regelgeving, in combinatie met een vaak beperkt Europees bewustzijn lopen decentrale overheden risico’s en laten ze ook kansen liggen. Bestuurlijke aandacht bij decentrale overheden voor ‘Europa’ is gegroeid, aanwezigheid in Brussel is toegenomen en ook het besef lijkt te groeien dat Europa van grotere betekenis is dan enkel een rol als subsidieverstrekker. De Europese Unie wordt terecht door steeds meer partijen gezien als vierde bestuurslaag die een belangrijke bijdrage levert aan het realiseren van regionale beleidsopgaven. Logisch dat de bestuurlijke en ambtelijke aandacht voor ‘Brussel’ toeneemt. Maar als ik nu nader inzoom op de wijze waarop Europa is ingebed binnen decentrale overheden dan valt mij het volgende op:

.. leidt tot operationele uitdagingen

Ten eerste, ‘Europa’ wordt te veel benaderd als specialisme. Het gevolg hiervan is dat ‘Europa’ te zeer wordt beschouwd als een aparte wereld. Terwijl elk beleidsterrein een EU-dimensie heeft. Door ‘Europa’ meer te integreren in de beleidscyclus en systematisch toe te passen in de dagelijkse praktijk worden risico’s en kansen eerder in beeld gebracht zodat eerder hierop wordt geanticipeerd en kansen worden verzilverd. 

Ten tweede het gebrek aan institutioneel geheugen. We zien regelmatig dat personen die betrokken waren bij de aanvraag van een Europese subsidie geen rol meer spelen in de uitvoeringsfase. Laat staan, wat het oorspronkelijke doel was bij deelname aan een EU-project, of EU-netwerk. Bovendien resulteert het gebrek aan regionale afstemming vaak in het uitdragen van een inconsistente boodschap in Brussel waardoor effectiviteit van het lobbyplan afneemt.

Tot slotte valt mij op dat EU-plannen te veel gericht zijn op het ‘wat’ en niet op het ‘hoe’. Het ontbreekt aan focus en doelgerichtheid. Te vaak zijn EU-georiënteerde activiteiten onsamenhangend en dragen ze onvoldoende bij aan lokale of regionale beleidsopgaven. Allesomvattende lobbyplannen en overkoepelende strategieën zijn onvoldoende effectief. Ik pleit dan ook voor meer focus en doelgerichtheid.

Ladder van Europeanisering maakt uw Europese ambities concreet

Vanwege het multidisciplinaire karakter is Europees succes in mijn optiek sterk afhankelijk van de wijze waarop ‘Europa’ intern is georganiseerd. Hoe snel kun je bijvoorbeeld een vraag van de EC beantwoorden? Is Europa een terugkerend agendapunt tijdens het werkoverleg? Zijn de beleidsafdelingen voldoende EU-wise? In de wetenschappelijke literatuur spreekt men ook wel over ‘de ladder van Europeanisering’ (zie figuur hierboven) waarmee inzichtelijk wordt gemaakt in welke mate organisaties geëuropeaniseerd zijn. Afhankelijk van je lokale ambities bepaal je de mate en wijze waarop Europa wordt ingebed in de thuisorganisatie. Vervolgens vertaal je dat naar uitvoeringsgerichte activiteiten zoals specifieke EU-trainingen, evenementen, roadshows, lobbyacties, netwerkvorming en nog veel meer.

Wilt u weten waar u staat op de ladder van Europeanisering? Hoe u dit kunt toepassen in de praktijk? Of wilt u weten hoe u uw Europese ambities kunt vertalen naar een uitvoeringsprogramma, laat het me weten.

Luc van Raaij